Lettergrootte   A A A

pater J. Beijers

Op 13 januari 2009 is in Valkenburg a/d Geul overleden

Jan Beijers

montfortaan

 

Op 3 augustus 1925 werd Jan in Rotterdam geboren. Na de oorlog trad hij in bij de montfortanen in Meerssen, waar hij zijn eerste geloften aflegde op 8 september 1948. Op 28 maart 1954 werd hij priester gewijd in Oirschot. In datzelfde jaar vertrok hij als missionaris naar Mozambique, Namuno. Een jaar later kreeg hij een benoeming voor Baláma waar hij 11 jaar heeft gewerkt. In 1967 ging hij naar Lins in Brazilië, maar vanwege problemen met zijn gezondheid keerde hij datzelfde jaar terug naar Nederland, waar hij tot1970 aan het werk ging als propagandist, vanuit de communiteit Oirschot. Na zijn benoeming als missieprocurator verhuisde hij naar Voorschoten. In 1978 keerde hij terug naar Oirschot als provinciaal econoom. Begin januari 2008 verhuisde hij naar het zorgcentrum Vroenhof in Valkenburg, waar hij overleed.

Jan was een man met een groot gevoel voor rechtvaardigheid. Niet voor niets had hij in Oirschot goede cijfers voor moraal. Toen hij als jonge priester in Mozambique ging werken, had hij in ieder geval een scherp oog voor de onderdrukking van de bevolking door het Portugese regiem. Moedig kwam hij voor zijn mensen op. Al voelde hij zich als blanke een vreemde eend in de Afrikaanse bijt,  hij maakte graag gebruik van zijn positie om hun woordvoerder en voorspreker te zijn. Hij ergerde zich dood aan het laffe gedrag van sommige bisschoppen. Later zei hij in een kranteninterview daarover: 'Herders mogen niet zwijgen, als schapen worden geslagen". Omdat het werken hem praktisch onmogelijk werd gemaakt, verliet hij Mozambique. Hij wilde op geen enkele manier de Portugezen van dienst zijn. In de hem zo eigen beeldspraak, drukte hij dat als volgt uit: "Ik ben niet bereid om jarenlang als een Don Quichotte tegen windmolens te vechten.

Als missieprocurator heeft Jan veel van de wereld gezien. Daar was hij erg dankbaar voor. De mensen en de natuur spraken hem aan. En waar hij kon, stak hij een helpende hand uit. Graag ging hij bij anderen op bezoek. Jan was een heer.  Door zijn charme, zijn belangstelling, zijn humor en zijn verhalen gingen vele deuren gemakkelijk voor hem open. Mild en discreet ging hij om met wat iemand hem toevertrouwde. Zo was hij ook voor zijn confraters in de tijd dat hij provinciaal-econoom was.

Met geleerde theologie had Jan niet veel op. Hem interesseerde vooral het gewone leven. Zo las hij het Evangelie. In zijn ogen werden mensen door theologische spitsvondigheden eerder tegen elkaar opgezet dan met elkaar verbonden. Hij droomde van het moment "waarop heel de wereld verenigd wordt in één godsdienst waardoor alle problemen zijn opgelost waarin we nu verward zijn”.

Een jaar of vijf geleden begon Jan te merken dat er iets met hem aan de hand was. Hij werd vergeetachtig. Langzaam drong tot hem door dat hij Alzheimer had. Dat viel hem erg zwaar. Hij hield van een zeker decorum en vreesde dat hij zijn waardigheid zou verliezen. Dan zou hij nog liever dood zijn! Zolang mogelijk bleef hij mobiel. Hij wilde zijn vrienden blijven bezoeken en af en toe een paar gezellige dagen doorbrengen bij Margreet van Rossum-Bonnier en haar kinderen. De confraters in Oirschot hielden hem in hun midden, tot het niet meer ging. Jan heeft dat zeker gewaardeerd, al hij kon hij het niet meer in woorden uitdrukken. Het laatste jaar verbleef hij op afdeling 2 in het zorgcentrum Vroenhof, waar het personeel hem met veel eerbied en respect heeft verzorgd. Een week geleden begon Jan er slecht uit te zien. Het lukte nauwelijks om contact met hem te maken. Zijn lijf vertoonde ernstige haperingen. Een uur nadat hij bediend was door Hub Louis, is hij stilletjes gestorven.  Moge hij nu rusten in de vrede en de vreugde van de verrezen Heer!